Waarheen? Waarvoor? Typisch iets voor dertigers?

Misschien is het typisch iets voor dertigers… Of het heeft te maken met de grote ‘live-events’ die ik de afgelopen jaren meemaakte. Of het is simpelweg een melancholise karaktertrek van me. Maar ik ben de laatste tijd weer enorm bezig met de grote ‘waarom, waarheen, waartoe’ vragen…

Stel dat ik honderd zou worden (en dat is niet erg laag ‘gemikt’) dan heb ik nu al ruim een derde van mijn leven ‘gehad’. Als ik dat voor me zie in een taartvorm heb ik toch al een flink stuk achter de kiezen. Wat wil ik doen met de resterende tijd (hoe lang of kort dat ook zal zijn)? Welke plannen zijn belangrijk. Waaraan geef ik mezelf uit? Mijn kracht en beste jaren…?

Grote vragen. Wat is zinvol? Wat is belangrijk? Is het ene plan überhaupt belangrijker of de moeite waard dan het andere? Als ADHD-er pur sang heb ik aan plannen, impulsen en enthousiasme nooit gebrek.  Maar gewoon maar ‘gaan’ zonder bewust basis plan is toch ook niet wat ik wil… Ja Mieke Telkamp, ik begrijp je ‘waarheen leidt de weg die wij moeten gaan…’ steeds beter. Willeke Alberti maakt het simpeler. Ze zingt leef in het nu en denk niet teveel na over morgen. Zeil simpelweg op de wind van vandaag. Tja..

Zeilen op de wind van vandaag klinkt leuk. Maar als de wind elke dag  3 keer en soms nog vaker van richting en kracht veranderd is dat toch een raar reisje…

Mozes schrijft in de Bijbel dat we onze dagen zo moeten tellen dat ons hart wijs zal worden. Toen ik gisteren heerlijk door Bunschoten in het zonnetje wandelde en hierover nadacht en bad schoot mij een zin uit die Psalm van Mozes te binnen. “Van eeuwigheid tot eeuwigheid bent U ons een toevlucht geweest”. Die zin ging maar door mijn gedachten… Van eeuwigheid tot eeuwigheid… Dat is tijdloos. Dat spreekt over een heel andere dimensie van mijn korte streepje levenstijd… Geen begin geen eind. En ook het woord ‘toevlucht’ spreekt me erg aan. Schuilen bij God. Weten dat je opgaat in een grotere en eeuwige werkelijkheid. In een plan van Iemand, de enige, die alles wel kan overzien en ook jouw leven in deze tijd heeft gepland.

Toen deze zinnen door mijn hart gingen merkte ik bij mezelf rust ontstaan. En de wens om te zingen en simpelweg Gods grootheid te ‘vieren’. Ik hoef niet alles te doen. Ik hoef niet iets groots te verrichten. Ik hoef mijn naam niet te vestigen. Ik hoef niet dat ene onvergetelijke te doen of bedenken. Het hoeft niet. Jij ook niet.

Ik keek op en zag dat ik voor een kerk stond. De eerste steen van dit kerkgebouw was gelegd ergens eind 1800 door een dominee en een ouderling waarvan de naam niet bij me is blijven hangen (hoe toepasselijk). Maar wat indruk op me maakte is dat deze kerk nog steeds open staat voor mensen die daar mogen ontdekken dat de eeuwige God bestaat en kenbaar wil zijn. De dominee die ruim 200 jaar geleden preekte is al lang bij God en ook de ouderling zal niet meer in de bank zitten verwacht ik (maar goed, de wonderen zijn de wereld nog niet uit).

Maar hun God is mijn God. Dat maakt mij klein en geeft me tegelijk een groots en trots gevoel. Toen ik wegliep fietste een vader met zijn dochtertje voorbij. Ze zong over Jezus… Ik glimlachte.